Vrouwelijke geslachtsorganen, 4-delig
De Erler Zimmer L251 toont de vrouwelijke inwendige geslachtsorganen in vier delen. Het model omvat de uterus, de twee ovaria, de salpinges (eileiders) en de vagina, met opengewerkte secties die het endometrium, myometrium en de inwendige opbouw van uterus en eileiders zichtbaar maken.
Vier delen, vrouwelijke voortplantingsanatomie
De uterus is in een sagittale doorsnede gemodelleerd met fundus, corpus, isthmus en cervix uteri. De drie wandlagen (perimetrium, myometrium, endometrium) zijn herkenbaar uitgewerkt, evenals het cavum uteri. De salpinges tonen de vier delen (pars uterina, isthmus, ampulla, infundibulum met fimbriae) waarin bevruchting plaatsvindt. De ovaria liggen aan weerszijden van de uterus, met op een opengewerkte sectie de cortex met follikels in verschillende rijpingsstadia en het corpus luteum. De vagina sluit aan op de cervix met de portio vaginalis en het ostium uteri externum. De ligamenten (lig. teres uteri, lig. ovarii proprium, lig. suspensorium ovarii, lig. latum uteri) zijn als ondersteunende structuren aangeduid.
Onderwijs en patiëntvoorlichting
Het model wordt gebruikt in opleidingen geneeskunde, gynaecologie, verloskunde, fertiliteit, oncologie en bekkenfysiotherapie voor uitleg over de vrouwelijke voortplantingsanatomie. Gynaecologen zetten het in bij patiëntvoorlichting over endometriose, fibromen, ovariumcysten, eileiderontsteking, baarmoederhalskanker en hysterectomie. Bij fertiliteitsspreekuren ondersteunt het uitleg over IVF, IUI en eileiderdoorgankelijkheid (HSG). In voorlichting aan adolescenten en in seksuologie verheldert het de relatie tussen de organen. Voor mannelijke anatomie biedt het model L250 een vergelijkbare didactische opbouw.








