Insulinespuiten
Insulinespuiten hebben een fijne, vaste naald en een schaalverdeling in eenheden (U-100), zodat insuline nauwkeurig en zo pijnloos mogelijk wordt gedoseerd. De keuze hangt af van het spuitvolume en de naaldlengte. Verkrijgbaar in 0,3, 0,5 en 1 ml, overeenkomend met 30, 50 en 100 eenheden.












Insuline wordt in eenheden gedoseerd, en daarvoor zijn speciale spuiten gemaakt. Een insulinespuit heeft een schaalverdeling in eenheden (U-100) in plaats van milliliters, en een fijne, vaste naald die de injectie zo comfortabel mogelijk maakt.
Volume en eenheden
De spuiten zijn er in verschillende volumes, doorgaans 0,3, 0,5 en 1 ml, overeenkomend met 30, 50 en 100 eenheden. Kies het volume op de dosis: een kleinere spuit met fijnere verdeling is nauwkeuriger bij lage doses. De fijne, dunne naald (hoge gauge) beperkt de pijn bij subcutane injectie.
Veilig gebruik
Gebruik altijd een U-100 spuit bij U-100 insuline, want een verkeerde schaal leidt tot een doseerfout. De spuiten zijn voor eenmalig gebruik en steriel verpakt. Bekende merken zijn BD Becton-Dickinson en embecta.
Veelgestelde vragen
Wat betekent U-100?
Dat de insuline 100 eenheden per milliliter bevat. De spuit is daarop afgestemd, met een schaal in eenheden; gebruik altijd de bijpassende spuit.
Welk spuitvolume kies ik?
Een kleiner volume (0,3 ml) is nauwkeuriger bij lage doses; bij hogere doses kiest u 0,5 of 1 ml. Controleer voor gebruik de schaalverdeling en de houdbaarheid.
Kan ik een insulinespuit hergebruiken?
Nee, insulinespuiten zijn steriel en voor eenmalig gebruik.






