Schedel 3-delig met spiermarkeringen
Hoeveel spieren hechten aan de schedel aan? Meer dan studenten in eerste instantie denken: kauwspieren, mimische spieren, nekstrekkers en cervicale flexoren beginnen of eindigen allemaal op de schedel. De Erler Zimmer 4509 maakt deze aanhechtingen op één blik zichtbaar door middel van kleurcodering: rood voor oorsprong, blauw voor aanhechting.
Spieraanhechtingen op de schedel
Op het model zijn onder andere zichtbaar:
- Kauwspieren: m. masseter (jukboog en mandibula), m. temporalis (fossa temporalis en processus coronoideus), mm. pterygoidei (vleugelvormige uitsteeksels van het os sphenoidale)
- Mimische musculatuur: aanhechtingen van m. orbicularis oculi rond het oog, m. orbicularis oris rond de mond, m. zygomaticus major en minor, m. nasalis
- Hyoidale en cervicale spieren: aanhechting van m. sternocleidomastoideus op de processus mastoideus, suboccipitale spieren op de occipitale regio
Toepassing op de werkvloer
Voor opleidingen tandheelkunde, mondzorgkunde, kaakchirurgie en orofaciaal fysiotherapie ondersteunt het model lessen over kauwspierfunctie en TMD. In KNO-opleidingen is het bruikbaar bij onderwijs over hoofdhalsanatomie. Logopedisten en orofaciaal myofunctionele therapeuten gebruiken het bij voorlichting over slik- en kauwbewegingen. Voor een uitvoering met aanvullende kauwspieren in 3D-vorm is de Erler Zimmer 4512 beschikbaar.
Logopedische context
Bij logopedie en orofaciale myofunctionele therapie zijn de mimische musculatuur en de aanhechting van de tong-, lip- en kaakspieren centraal in de diagnostiek en behandeling van slik-, spraak- en kauwproblemen. De Erler Zimmer 4509 toont waar deze spieren ontspringen op de schedel, een visuele basis voor lessen over articulatie, dysfagie of orofaciale myofunctionele therapie. Voor opleidingen logopedie biedt het anatomische context die op platte afbeeldingen abstract blijft.








