Rugspiermodel, 4-delig
De Erler Zimmer M290 is een vierdelig anatomiemodel van de rugmusculatuur. Door de afneembare lagen kunnen oppervlakkige en diepe rugspieren afzonderlijk worden bestudeerd, samen met hun aanhechtingen en de begeleidende vaten en zenuwen.
Vier lagen rugmusculatuur
De oppervlakkige rugspieren omvatten m. trapezius, m. latissimus dorsi, m. levator scapulae en de mm. rhomboidei (major en minor). De middelste laag toont m. serratus posterior superior en inferior. De diepe spieren bestaan uit de m. erector spinae (m. iliocostalis, m. longissimus, m. spinalis), de mm. semispinales (capitis, cervicis, thoracis), mm. multifidi, mm. rotatores, mm. interspinales en mm. intertransversarii. Aan de halsregio zijn de subocciptale spieren (m. rectus capitis posterior major en minor, m. obliquus capitis superior en inferior) herkenbaar. De fascia thoracolumbalis vormt het bindweefsel-omhulsel en de aansluiting op de bekken- en heupmusculatuur is meegemodelleerd. Aanhechtingen op het sacrum, de processus spinosi en de costae zijn anatomisch correct.
Klinische context
Het model wordt gebruikt in opleidingen geneeskunde, fysiotherapie, manuele therapie, sportgeneeskunde, orthopedie, revalidatiegeneeskunde en oefentherapie voor uitleg over de rugmusculatuur. Fysiotherapeuten en manueel therapeuten zetten het in bij scholing over chronische lage rugklachten, hyperlordose, kyfose, scoliose en de relatie tussen rugspieren en houding. Bij patiëntvoorlichting in fysio- en revalidatiepraktijken ondersteunt het uitleg over core stability, multifidus-functie en het belang van diepe stabiliserende spieren bij rugklachten. In opleidingen sportgeneeskunde verheldert het overbelastingsletsels bij krachtsporters en bij beoefenaars van takken met repetitieve rotatie van de wervelkolom.
















