Handanatomie, regionaal, 7-delig
De Erler Zimmer M161 is een zevendelig regionaal anatomiemodel van de menselijke hand. Door de gelaagde opbouw kunnen verschillende anatomische niveaus stapsgewijs worden onderwezen, van het skelet tot aan de oppervlakkige spier- en huidstructuren.
Zeven lagen handanatomie
De afneembare delen tonen de oppervlakkige en diepe spierlagen, pezen, ligamenten, bloedvaten en zenuwen op het volledige handskelet. Aan de palmaire zijde zijn de musculi thenar (m. abductor pollicis brevis, m. flexor pollicis brevis, m. opponens pollicis), musculi hypothenar en de mm. lumbricales en interossei herkenbaar. De peesbladen van de mm. flexores en de fascia palmaris met aponeurosis palmaris vormen de oppervlakkige laag. Aan de dorsale zijde lopen de pezen van de m. extensor digitorum, omhuld door retinacula extensorum. De a. radialis, a. ulnaris en de palmaire boog (arcus palmaris superficialis en profundus) zijn meegemodelleerd, samen met de n. medianus, n. ulnaris en n. radialis met hun motorische en sensibele takken.
Klinische context
Het model wordt gebruikt in opleidingen geneeskunde, handchirurgie, plastische chirurgie, fysiotherapie, ergotherapie, handtherapie en orthopedie voor uitleg over de handanatomie. Handtherapeuten en plastisch chirurgen zetten het in bij scholing over carpaal tunnelsyndroom, ziekte van Dupuytren, peesletsels (zonering volgens Verdan), trigger finger en revalidatie na flexor- of extensorpeesletsel. Bij anatomieonderwijs in opleidingen geneeskunde dient het als demonstratiemodel waarin de relatie tussen oppervlakkige en diepe structuren via gelaagde demontage stapsgewijs zichtbaar wordt.












