Drie thoracale wervels met tussenwervelschijven
Voor specifieke uitleg over een thoracaal bewegingssegment is een compact model vaak handiger dan een complete wervelkolom. De Erler Zimmer 4092 toont drie aaneengesloten thoracale wervels met de twee tussenwervelschijven ertussen, waardoor twee functionele bewegingssegmenten op één model staan.
Thoracale articulaties in beeld
Het model toont de typische thoracale wervelkenmerken: de fovea costalis op het corpus voor de articulatie met het caput costae, de fovea costalis op de processus transversus voor de articulatie met het tuberculum costae, en de steile, naar onderen gerichte processus spinosi. De facetgewrichten tussen de wervels lopen in de thoracale regio bijna verticaal, wat de relatief beperkte rotatie en lateroflexie van dit deel van de wervelkolom verklaart. De tussenwervelschijven zijn dunner dan in de lumbale regio.
Toepassing op de werkvloer
Manuele therapeuten en osteopaten gebruiken het model bij patiëntvoorlichting over thoracale dysfunctie en costovertebrale klachten. In opleidingen geneeskunde en fysiotherapie ondersteunt het lessen over thoracale anatomie en de samenhang met de ribbenkast. Voor een volledige thoracale wervelkolom is de Erler Zimmer 4060 beschikbaar.
Bij Th-spine onderwijs
De thoracale wervelkolom is functioneel anders dan de cervicale en lumbale: de aanwezigheid van de ribbenkast beperkt rotatie en lateroflexie, terwijl de facetgewrichts-oriëntatie verschilt per wervelregio. Op een driewervel-segment kunnen manuele therapeuten en osteopaten studenten leren hoe een costovertebraal blokkade voelt en wat een mobilisatietechniek beoogt. Voor opleidingen die specifieke thoracale technieken behandelen biedt het compacte model didactische focus.








