Kaakgewricht (TMJ), schematisch model
Het kaakgewricht of temporomandibulaire gewricht (TMJ) is een van de meest gebruikte gewrichten van het lichaam: bij elk woord, hap en slik beweegt het mee. Het is ook een gewricht waarover veel klachten bestaan, kaakgewrichtsdisfunctie (TMD), brux is, knappende kaak, die door tandartsen, kaakchirurgen, fysiotherapeuten en mondzorgkundigen worden behandeld. De Erler Zimmer 4079 toont in vereenvoudigde vorm de articulaire bouw.
Vereenvoudigde TMJ-anatomie
Het schematische model toont de drie sleutelelementen van het kaakgewricht: het caput mandibulae (de gewrichtskop bovenaan de processus condylaris), de fossa mandibularis in het os temporale (de gewrichtskom met daarvoor de tuberculum articulare) en de discus articularis ertussen, een fibreuze schijf die de bewegingen geleidt en de gewrichtsoppervlakken scheidt in een boven- en ondercompartiment. De translatie- en rotatiebeweging die het kaakgewricht typeert (eerst rotatie in de onderste compartiment, dan translatie in de bovenste) wordt op het schematische model didactisch toegankelijk.
Toepassing op de werkvloer
Tandartsen, mondhygiënisten, kaakchirurgen en orofaciaal fysiotherapeuten gebruiken het model bij voorlichting over TMD, bruxisme en het effect van een knarsbitje. In opleidingen tandheelkunde, mondzorgkunde en orofaciaal fysiotherapie ondersteunt het lessen over kaakgewrichtanatomie en -bewegingen. Voor de natuurlijke grootte uitvoering is de Erler Zimmer 4080 beschikbaar, voor de tweemaal vergrote uitvoering de 4083.
Onderwijs over discusdisplacement
Bij temporomandibulaire dysfunctie (TMD) is anterior discus displacement (met of zonder reductie) een veelvoorkomend specifiek beeld: de discus articularis is naar voren verschoven, met als gevolg klikken of jamming bij mondopening. Op het schematische TMJ-model wordt deze pathologie tastbaar: de docent kan de discus bewust naar voren plaatsen om de klinische presentatie te demonstreren. Voor opleidingen tandheelkunde en mondzorgkunde, en voor scholingen aan orofaciaal fysiotherapeuten, vormt dit een effectief uitlegmiddel.








