Zoeken
Tandheelkunde

Tandheelkundig materiaal werkt in een klein en vochtig veld, waarin elke stap zijn eigen eis stelt. Een wortelkanaal moet schoon en droog zijn voordat het gevuld wordt, een restauratie hecht alleen op een droog vlak, en een alveole die nabloedt maakt beide lastig. Het aanbod volgt die drie werkgebieden: het kanaal, de restauratie met de afwerking, en de kleine chirurgie met bloedstelping.

Tandheelkunde

Wie in de mond werkt, werkt in een klein en vochtig veld. Dat bepaalt de materiaalkeuze vaak sterker dan de ingreep zelf: een kanaal moet schoon en droog zijn voordat het gevuld wordt, composiet hecht alleen op een droog vlak, en een extractiealveole die blijft nabloeden maakt beide moeilijk. In de volgorde van werken komt bloedstelping en droogleggen daarom vaak eerst.

Het tandheelkundig aanbod is opgebouwd rond drie werkgebieden, die aan de behandelstoel ook zelden door elkaar lopen: het wortelkanaal, de restauratie met de afwerking daarvan, en de kleine chirurgie.

De drie werkgebieden

  • Restauratie en afwerken: matrijzen voor het opbouwen van de vulling, en polijstschijven, polijstinstrumenten en diamantinstrumenten voor de afwerking, in oplopende fijnheid.
  • Endodontie: handvijlen in ISO-maten met lengtes van 21, 25 en 31 mm, spoel- en chelatievloeistoffen voor het reinigen en vormen van het kanaal, en biokeramische sealers voor het vullen.
  • Chirurgie en hemostase: resorbeerbare collageenkegels en collageenmembranen voor de alveole, en hemostatische vloeistof en sponsjes voor lokale bloedstelping.

Bloedstelping bepaalt wat daarna nog kan

Lokale bloedstelping komt in twee vormen. Een vloeistof op basis van aluminiumchloride werkt op het oppervlak en wordt met een pellet aangebracht. Een spons van collageen of gelatine vult de ruimte en biedt het stolsel houvast; een collageenkegel is op de vorm van een extractiealveole gemaakt. Voor een ingreep waarbij het bot beschermd moet worden tijdens de genezing is er het resorbeerbare collageenmembraan, verkrijgbaar van 15 x 20 mm tot 30 x 40 mm.

Van kanaal tot afgewerkte vulling

In het kanaal doet een chelatiemiddel met EDTA het voorwerk: het maakt dentine zachter en helpt bij het doorgankelijk maken van nauwe of verkalkte kanalen. Spoelvloeistof neemt het debris mee. Bij een herbehandeling lost een oplosmiddel de aanwezige guttapercha op. Voor het vullen zijn er biokeramische sealers, als poeder met vloeistof om zelf te mengen of kant-en-klaar in een spuitje met tips.

Aan de restauratiekant loopt de afwerking van grof naar extra fijn. De polijstschijven zijn er in twee maten, 1/2 inch en 3/8 inch, die met een pop-on mandrel op het handstuk gaan. Losse navullingen per korrelgrootte voorkomen dat u een compleet assortiment moet aanschaffen voor een enkele fijnheid.

De merken

Het grootste deel komt van Septodont, met daarbinnen de lijnen SeptoDiscs voor polijstschijven, SeptoMatrix voor matrijzen en SeptoDiamond voor diamantinstrumenten, plus de hemostatica Racestyptine, Hemocollagene en Hemogelatin. Voor het wortelkanaal voert het aanbod GenENDO handvijlen en de biokeramische sealers BioRoot RCS en BioRoot Flow, naast Canal+ en Guttasolv.

Wat de keuze bepaalt in de behandelstoel

Lengte en ISO-maat van de handvijl

De lengte volgt de positie in de mond: 21 mm voor het front, 25 mm als standaard, 31 mm voor moeilijk bereikbare of lange kanalen. De ISO-maat bepaalt de diameter van de punt.

Sealer als poeder of kant-en-klaar

Poeder met vloeistof geeft controle over de consistentie en is voordeliger per behandeling. Kant-en-klaar in een spuitje scheelt mengtijd en geeft een constante samenstelling.

Korrelgrootte en schijfmaat

Bij polijsten werkt u van grof naar extra fijn. 3/8 inch komt verder in de zijdelingse delen, 1/2 inch werkt sneller op een groter vlak.

Vorm van het hemostaticum

Vloeistof voor oppervlakkig bloedverlies en retractie, een spons of kegel wanneer de ruimte gevuld moet worden en het stolsel steun nodig heeft.

Veelgestelde vragen

Waarvoor dient een chelatiemiddel in het wortelkanaal?

Het maakt dentine zachter en helpt de smeerlaag te verwijderen, waardoor een nauw of verkalkt kanaal beter doorgankelijk wordt en de sealer beter aansluit.

Wat is het verschil tussen de twee BioRoot-sealers?

RCS wordt gemengd uit poeder en vloeistof, Flow is kant-en-klaar en wordt met tips aangebracht. Beide zijn biokeramisch.

Wanneer gebruikt u een collageenkegel en wanneer een membraan?

De kegel vult de extractiealveole en ondersteunt het stolsel. Het membraan dekt het gebied af tijdens de genezing en wordt gekozen op de afmeting van het defect.

Kan guttapercha weer verwijderd worden?

Ja, bij een herbehandeling wordt de aanwezige guttapercha met een oplosmiddel opgelost voordat het kanaal opnieuw wordt gevormd en gevuld.

Welke maten polijstschijven zijn er?

1/2 inch en 3/8 inch, elk in de korrelgroottes grof, medium, fijn en extra fijn, met losse navullingen en een assortimentsverpakking.